Remkleppen

Motorvliegtuigen gebruiken de motor om precies te bepalen waar ze neerkomen. Zweefvliegtuigen hebben geen motoren en om toch precies te kunnen bepalen waar ze neer
komen gebruiken de piloten remkleppen. Dit zijn metalen panelen die uit de vleugels komen waardoor het zweefvliegtuig sneller daalt en de piloot heel precies kan landen. Na de landing wordt het vliegtuig weer teruggesleept naar de startplaats met een tractor.

http://www.mandhsoaring.com/ArcKlapp1.Mod%20(Custom).JPG

Circuit

zweefvliegtuigen vliegen altijd een “circuit”, dit is een vast patroon voor de landing. Deze begint op het zogeheten aanknopingspunt. Welke op 200 meter hoogte, 500 meter naast het einde van de landingsbaan is. Vervolgens wordt er parallel aan de landingsbaan gevlogen met de wind in de rug. Daarna wordt er achter de startbaan een bocht van 90 graden gemaakt waardoor het zweefvliegtuig nu haaks op de startbaan vliegt. Daarna wordt er nog een bocht van 90 graden gemaakt om netjes recht voor de baan uit te komen, waarna het zweefvliegtuig een mooie landing probeert te maken.http://www.vzp.be/images/circuit.jpg

 

Buitenlanden

Het kan tijdens het maken van grote lange vluchten voorkomen dat het zweefvliegtuig geen thermiek meer kan vinden. Als het zweefvliegtuig dan zich niet in de buurt van een vliegveld bevind moet het een buitenlanding maken. Vanuit de lucht wordt een weiland of akker gezocht dat het best geschikt lijkt om op te landen. Als het zweefvliegtuig dan te laag komt, vliegt het een circuit en landt in het weiland of akker. Vervolgens wordt het zweefvliegtuig op gehaald over de weg met een aanhanger.

 

 

 

Cookies make it easier for us to provide you with our services. With the usage of our services you permit us to use cookies.